Ik lijd een groot verlies op een "reverse convertible". Heb ik daar een
verhaal tegen ?
|
Als antwoord op uw vraag, een "waar
gebeurd".
Mevrouw C. lijdt grote verliezen na al haar spaargeld belegd te
hebben in een “reverse convertible”. Hoewel de bank haar voldoende had
geïnformeerd over de risico’s en ze juridisch eigenlijk geen been had om op te
staan, toonde de bank begrip voor de omstandigheden en betaalde ze de helft van
het reëel geleden verlies terug.
Wat gebeurde er ? Mevrouw C. is een 78-jarige
weduwe die op aanraden van haar bankier haar hele vermogen heeft belegd in een
“reverse convertible”, een product dat gedurende twee jaar een zeer hoge coupon
biedt, maar dat op de vervaldag niet noodzakelijk wordt terugbetaald in baar
geld, maar in aandelen die op dat moment veel minder waard kunnen zijn dan wat
de belegger heeft ingelegd. Ze lijdt grote verliezen en dient klacht in bij de
ombudsdienst voor de financiële sector, vroeger bekend als de ombudsman der
banken. Geconfronteerd met haar klacht betoogt de bank dat zij mevrouw C.
uitgebreid heeft ingelicht over deze belegging. Ze kreeg alle informatie mee
naar huis en had ruim de tijd om na te denken over de belegging. De hoge coupon
vormde een mooie aanvulling op haar bescheiden pensioeninkomsten, maar daar
tegenover stond het risico dat ze op de vervaldag zou worden terugbetaald in
aandelen. Omdat de bank mevrouw C. correct had ingelicht en de belegging aan
haar concrete behoeften beantwoordde, meende de bank geen fouten te hebben
begaan. De ombudsdienst begint toch te bemiddelen met het argument dat het toch
niet verstandig was om te adviseren het hele vermogen van de weduwe in één
product te beleggen en adviseert de bank de helft van het geleden verlies te
vergoeden. De bank stemt daar uiteindelijk ook mee in.
Wat kunt u hieruit leren ? Als een belegger van oordeel is dat hij
foutief werd geadviseerd bij een belegging rust op hem de moeilijke taak om te
bewijzen dat een andere financiële instelling in dezelfde financiële
omstandigheden niet hetzelfde advies zou hebben gegeven. Dat bewijs moet worden
geleverd aan de hand van objectieve documenten. Bovendien moet de belegger ook
aantonen dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen de fout van de bank en
het nadeel dat hij heeft geleden. Beleggingsadvies houdt geen garantie in over
de resultaten. In dit geval had mevrouw C. juridisch dan ook geen been om op te
staan. Haar wedervaren leert echter dat het ook in dergelijke gevallen de moeite
kan lonen om te proberen via de ombudsdienst (www.ombfin.be
; e-mail : ombudsman@ombfin.be) te proberen de
schade enigszins te herstellen.

|