Ik ben klant bij ING. Toen ik er vorige week een nieuwe kasbon op vijf
jaar wilde kopen, keek ik toch bijzonder verrast op. Ik had immers gelezen dat
de kasbonrente was gestegen, maar in plaats van de intrestvergoeding van 3,10 %
waarop ik had gerekend, meldde de bediende me dat ik slechts 2,90 % zou krijgen.
Hij legde me uit dat enkel de tarieven voor kasbons op één jaar waren gestegen.
Hoe kan zoiets eigenlijk ?
|
 |
De bankbediende heeft gelijk. ING verhoogde de kasbonrente op
één jaar van 1,85 % naar 1,90 %, maar verlaagde tegelijk de kasbonrente op 3
jaar van 2,60 % tot 2,50 % en die op vijf jaar van 3,10 % tot 2,90 %. Dat zijn
wel brutocijfers, want van de uitbetaalde rente wordt ook nog eens 15 % roerende
voorheffing afgehouden. Dat er tegengestelde bewegingen ontstaan in de
rentevergoeding op kasbons komt niet vaak voor, maar het is ook niet helemaal
ongebruikelijk. De stijging van de kasbonrente op korte termijn heeft te maken
met de stijging van de kortetermijnrente. Om de inflatiedreiging in te dijken,
die vooral het gevolg is van de hogere olieprijzen, zal de Europese centrale
bank vroeg of laat de leidende rentevoet moeten verhogen. De kortetermijnrente
loopt daarop vooruit. Dat de bank tegelijk de rentevergoeding voor de langere
looptijden verlaagt, heeft dan weer alles te maken met de daling van de
obligatierente op middellaange en lange termijn. De beleggers zijn onzeker over
de economische toestand. De vrees dat de heropleving minder krachtig en duurzaam
zal zijn dan eerst was gedacht, en daarom zoeken de beleggers vooral zekere en
veilige beleggingen. Dat doet de koers van de bestaande obligaties stijgen en de
obligatierendementen dalen.
 |

|