|
Aandelen
Waarover gaat het ?
Veiligheid
Liquiditeit
Rendement
Kosten
Fiscaliteit
Methodologie en selectie
Meer weten over...
 |
Waarover gaat het ?
Wie een aandeel koopt, belegt actief in een bedrijf, in een
vennootschap.
Spaarcenten toevertrouwen
Om op te starten, zich verder te ontwikkelen,
goed te functioneren en te groeien heeft een bedrijf geld nodig, een onafgebroken toevoer van kapitaal.
We weten dat geld niet zomaar aan elke boom groeit, maar wie op de juiste
boom klopt, vindt meestal wel wat hij zoekt. Ook de bedrijven weten dit en ze
zoeken het nodige geld dan ook waar het te vinden is: bij
de professionals uit de financiële wereld, maar ook bij het grote publiek, waar
nogal wat volle spaarpotten te vinden zijn. De bedrijven stellen aan de spaarders voor een
deel van die spaarpot aan hun activa toe te voegen. In
ruil voor dat stukje kapitaal krijgt de spaarder een
aandeel. Eenvoudig gesteld kunnen we zeggen dat een aandeel een
eigendomstitel is van een deel van het kapitaal van een bedrijf.
Vertrouwen
Spaarders die een effect in handen hebben, zijn dan
aandeelhouders. Ze hebben hun geld toevertrouwd aan een bedrijf waarvan
ze denken dat het door zijn activiteiten en beheer mooie perspectieven biedt. Ze
hopen dat hun spaargeld goed zal worden gebruikt, rendabel zal worden gemaakt,
maar uiteraard hebben ze daarover geen garanties.
Winst maken
Als het verzameld kapitaal door het bedrijf succesvol wordt
geïnvesteerd, dan zal het bedrijf ook winst maken. Een deel van die winst wordt
verdeeld onder de aandeelhouders. Dat is het dividend.
Een bedrijf maakt niet noodzakelijk altijd
winst. Als er geen winst wordt gemaakt, dan zal er ook geen dividend zijn voor
de aandeelhouders. En als er wel winst is, dan is die daarom nog niet constant.
De aandeelhouder moet dus niet denken dat hij elk jaar hetzelfde dividend zal
krijgen. Het bedrijf kan ook een deel van zijn winst niet in dividend uitkeren,
maar het opnieuw investeren of opzij leggen voor de toekomst …
Groeien
Als een bedrijf goed draait en veel winst maakt of,
in ieder geval, als het publiek dat denkt, dan zal het des te meer beleggers
aantrekken. En als er veel beleggers zijn die een aandeel willen kopen, dan
kunnen verkopers meer geld vragen voor dat aandeel. Zo stijgt de waarde van het
aandeel. De aandeelhouder die al een titel in handen heeft, bezit dan een hogere
waarde. Verkoopt hij het aandeel, dan krijgt hij er meer geld voor dan hij
ervoor heeft betaald toen hij het kocht: een meerwaarde.
 |
Veiligheid
Als u al eens aandelen hebt gekocht, dan weet u wellicht dat beleggen
in aandelen en veilig beleggen niet echt goed samengaan.
Vraag en aanbod
De koers van een aandeel, of
anders gezegd de prijs die op de beurs voor de titel wordt geboden, verandert
voortdurend, naargelang van de vraag of de beleggers het aandeel kopen of
verkopen. De wet van vraag en aanbod dus. Als het bedrijf, dat door het aandeel
wordt vertegenwoordigd, goed draait, veel winst maakt, mooie
toekomstperspectieven biedt, of tenminste als het publiek dat denkt, dan zijn er
veel beleggers die dat aandeel willen kopen. Op dat moment stijgt de koers van
het aandeel. Omgekeerd, als het bedrijf niet veel opbrengt en voor de toekomst
weinig zekerheid kan bieden, dan zal er maar weinig vraag zijn naar het aandeel.
Dan daalt de koers. Op dat moment daalt ook de waarde van het patrimonium voor
de personen die een aandeel met een dalende koers in handen hebben. Ze lijden
verlies. En dat scenario doet zich op de beurs dagelijks voor. Aandelen zijn dus
niet echt een veilige belegging. Om niet teveel nadeel te ondervinden van
“verrassende” schommelingen bij aan- of verkoop, is het goed een limietkoers
te hanteren.
Anticiperen
Beleggers, en dus ook de koersen, anticiperen op wat er een
aantal dagen, weken of maanden later gaat gebeuren. Wanneer er nieuwtjes of
nieuwe resultaten officieel worden meegedeeld, dan zal de koers er veel minder
op reageren als het nieuws al een tijdje verwacht was. Als de
officiële bekendmaking relatief sterk verschilt van de verwachtingen, dan zal de
koers dalen bij teleurstellend nieuws en stijgen als de informatie een aangename
verrassing inhoudt. Voorzichtige beleggers reageren angstig op geruchten of
onzekerheden. Als ze verkopen, beginnen de koersen te dalen.
Effect van de rentevoeten
We stellen vast dat er bij hoge rentevoeten twee gevolgen zijn.
Enerzijds verlaten de beleggers de beurs en kiezen ze voor het veilige én
comfortabele rendement van obligaties, kasbons, termijnrekening,
spaarrekeningen, … Anderzijds maken de bedrijven die moeten lenen minder winst
doordat ze hoge intresten op hun schulden moeten betalen. Om deze twee redenen
zullen de beurskoersen bij hoge rentevoeten meestal dalen. Het mechanisme werkt
natuurlijk ook omgekeerd.
Conjunctuur en politiek
Als in de meeste beoordelingen sprake is van een positieve economische
conjunctuur voor de bedrijven (lagere lasten, meer export, hoge vraag, …), dan
zullen de aandelenkoersen stijgen. Als de overheid eerder rechts is, dit wil
zeggen voorstanders van een vrije economie, aanhanger van kapitalisme, enz. …,
dan hebben de beurzen daar ook baat bij. Omgekeerd, als een
economie op sterven na dood is of een overheid te sociaal gericht is en/of de
bedrijven uitwringt via sociale, fiscale en andere lasten, dan zullen de koersen
daar onder lijden. Als net vóór verkiezingen wordt gevreesd voor een nieuwe
regering die het niet zo heeft voor kapitaal, dan zullen de koersen daar ook
last van ondervinden (onzekerheid).
Diversificatie
Aangezien elk aandeel een zeker risico in zich draagt, moet de
belegger absoluut het globale risico beperken door niet al zijn eieren in
dezelfde mand te leggen. Hoe meer de gekozen aandelen verschillen, uit
verschillende sectoren en zo mogelijk ook uit verschillende landen komen, hoe
meer kans de belegger heeft op een (positief !) evenwicht tussen stijgende
en dalende waarden.
Lange termijn
Wie in aandelen belegt voor een termijn van een jaar, loopt 25 %
risico om zijn geld kwijt te spelen; op 3 jaar is er maar 13 % risico meer;
op 5 jaar daalt het tot 7 % en op 10 jaar is het quasi nihil. Het gaat hier
welteverstaan om gemiddelden en er wordt rekening gehouden met voldoende
diversificatie.
 |
Liquiditeit
Aandelen zijn in principe een zeer liquide belegging. Als een belegger
beslist om zijn aandelen te verkopen, kan hij dat immers meestal nog de dag zelf
of de dag nadien. Toch zijn er een aantal factoren die voor enige vertraging
kunnen zorgen
De Beurs
Een beurs is een plaats waar wordt uitgewisseld. De beurzen zijn elke
(werk)dag open. Van opening- tot sluitingsuur worden er continu aandelen
uitgewisseld. Op elk moment van de dag kunnen er dus koop- en verkooporders
worden doorgevoerd, op voorwaarde dat er een tegenpartij is natuurlijk.
Het volume
Er is altijd wel een zekere marge tussen theorie en praktijk. Soms
worden niet zo gekende en minder gevraagde aandelen te koop aangeboden en wordt
er geen koper gevonden. Het gebeurt zelden maar het kan. Meestal zijn het
kleinere aandelen waarvan er weinig in omloop zijn. In ieder geval, als er
uiteindelijk een koper voor gevonden wordt, dan gaat de koers ervan hevig
reageren op de minste beweging, want de koop/verkoop die plaatsvindt, ook al is
er maar een klein bedrag mee gemoeid, weegt meteen door op de transacties.
Van deze aandelen wordt gezegd dat ze weinig liquide zijn of er is sprake
van een krappe markt. Beleggen in dat soort aandelen doet u best met
kennis van zaken, aangezien de koersen sterk kunnen schommelen en de aandelen
moeilijk kunnen worden verkocht.
Dagkoers of limietkoers
Een order dat met een
limietkoers werd doorgegeven,
zal uiteraard niet noodzakelijk de dag zelf worden uitgevoerd, maar pas als de
limietwaarde wordt bereikt.
De tussenpersoon
Privé-beleggers kunnen zelf niet rechtstreeks op
de beurs effecten verhandelen. Voor hun koop- en verkooporders moeten ze
via een tussenpersoon handelen: een beursvennootschap of hun bank. De
particulier geeft zijn order door aan de tussenpersoon die het, mits een
provisie, uitvoert op de beurs. Door die verplichte tussenstap moet het begrip
“verkopen op gelijk welk moment” wel met een korrel zout genomen worden. Door de
manier waarop het systeem praktisch gezien werkt, komt het erop neer dat orders
vóór een welbepaald uur moeten worden doorgegeven om op dezelfde dag nog te
kunnen worden uitgevoerd. Als u met de tussenpersoon overeen kan komen dat u ook
per telefoon orders mag doorgeven, dan kunt u sneller handelen. Zorg er wel voor
dat u de orders bevestigt door zo gauw mogelijk langs te gaan in het agentschap
of door een fax te sturen. Sommige grote banken hebben ook
Call Centers opgericht waar u snel orders kunt
doorgeven; via de "brokers on line" kunt u ook heel snel reageren en via
Internet orders doorgeven, waardoor u in sommige gevallen in real time kunt
handelen. Hoe het verhandelen van de waarden
ook verloopt, in vergelijking met andere beleggingen worden aandelen gekenmerkt
door een zeer goede liquiditeit.
 |
Rendement
Wie droomt er niet van om rijk te worden met
het verhandelen van aandelen? Aandelen hebben een belangrijke plaats in een
portefeuille. Ze zorgen voor meer risico, maar bieden ook meer kans op winst.
Het totale rendement (of return) dat u kunt behalen met een
aandeel bestaat enerzijds uit het onmiddellijke rendement onder de vorm van een
dividend en anderzijds uit de eventuele meerwaarde die wordt bereikt.
Onmiddellijk rendement
Het onmiddellijke rendement komt voort uit het dividend.
Als het bedrijf waarvan u aandelen hebt gekocht het verzamelde kapitaal
goed heeft aangewend, dan zal het winst maken. Een deel van die winst wordt
verdeeld onder de aandeelhouders. Dat is het dividend, dat ook soms
coupon wordt genoemd, want bij de papieren versie van aandelen moet u een
couponnetje afscheuren en daarmee naar de bank of de beursvennootschap gaan om
het dividend te innen. Bij aandelen op een rekening wordt het dividend
automatisch gestort. Als een aandeel 275 euro waard is en het
een dividend uitkeert van 10 euro, dan is het onmiddellijke rendement van
dat aandeel (10/275) x 100 = 3,63 %. Dat is een gezond gemiddelde. Het
onmiddellijke rendement kan veel hoger zijn, maar ook veel lager en zelfs nihil.
Om te beginnen maakt een bedrijf niet noodzakelijk altijd winst. Een bedrijf dat
wel winst maakt, kan ook beslissen geen of slechts een beperkt dividend uit te
keren, als het bijvoorbeeld oordeelt dat er niet genoeg winst werd gemaakt of
als het de vrijgekomen liquiditeiten liever opnieuw investeert of opzij legt
voor de toekomst. Aandeelhouders moeten dus niet denken dat er elk jaar evenveel
dividend in hun schoot zal vallen.
Dividend in aandelen
Een bedrijf kan ook beslissen zijn aandeelhouders te laten kiezen voor
een dividend in cash of een dividend in aandelen (keuzedividend). Als een
aandeelhouder bijvoorbeeld, bovenop de 20 aandelen die hij al heeft, één extra
aandeel krijgt, dan haalt hij een rendement van 5 %.
Meerwaarde
Als een bedrijf veel winst maakt, dan zal het daardoor ook meer
beleggers aantrekken. Hoe meer beleggers hetzelfde aandeel willen kopen, hoe
hoger de prijs die kan worden gevraagd voor dat aandeel. Daardoor stijgt dus de
waarde (= de koers) van het aandeel. Beleggers die het aandeel al hebben
gekocht, hebben dan een hogere waarde in handen. Verkopen ze het effect, dan
krijgen ze er meer geld voor dan ze hebben betaald toen ze het kochten: dat is
de meerwaarde. De kunst van het beleggen bestaat er dus in te verkopen op
het moment dat het aandeel zijn hoogste meerwaarde heeft bereikt en vóór die
meerwaarde weer gaat krimpen.
Alle informatie over dividenden, eventuele
aankondigingen over een bonus en de koers van de aandelen staan in de financiële
pers.
 |
Kosten
Zowel bij aankoop als bij verkoop van aandelen betaalt u kosten. Die
kosten gaan naar de fiscus, de beurs of de tussenpersoon.
Beurstaks
Op elke transactie (aankoop of verkoop) wordt een taks geheven van
0,17 % op het verhandelde bedrag; die taks gaat naar de staat en wordt
beperkt tot een plafondwaarde van 250 euro. Voort de aankoop van nieuwe aandelen
is deze beurstaks sinds 15 juli 2004 afgeschaft.
Leveringstaks
Wie kiest voor materiële
levering, betaalt op het bedrag in kwestie 0,60 % (behalve voor de inschrijving op nieuwe
aandelen); deze taks gaat naar de staat, er is geen plafond.
Makelaarsloon
De tussenpersoon (bank, beursvennootschap) wil ook een stuk van de
taart. In ieder geval ontvangt die een vast bedrag en verder kan hij zelf
beslissen over het percentage makelaarsloon dat hij krijgt voor de
transactie. Dat percentage kan niet alleen verschillen van de ene tot de andere
tussenpersoon, maar bij éénzelfde tussenpersoon kan de provisie ook nog variëren
naargelang van het verhandelde bedrag. Het percentage schommelt tussen ongeveer
0,5 % en een beetje meer dan 1 % voor transacties op Euronext
Brussel. Voor
transacties met hoge bedragen en/of frequente transacties is het goed eerst te
vergelijken en pas dan toe te happen: gebruik de concurrentie als argument als u
onderhandelt met uw tussenpersoon. Weet dat er voor transacties op andere
segmenten van Euronext (Parijs, Amsterdam, Lissabon) soms sterk verschillende
kosten worden aangerekend. Van zodra het integratieproces rond is, zullen er
aanzienlijk minder kosten worden aangerekend op het verhandelen van Franse,
Nederlandse of Portugese aandelen. Bij de overdracht van materiële
effecten wordt door de bank nog een forfaitair supplement aangerekend.
Voor orders die worden uitgevoerd op andere beursmarkten zal de
tussenpersoon zelf een beroep doen op een andere tussenpersoon, die werkzaam is
op de betreffende beurs. Op die manier wordt het makelaarsloon hoger, net als
het totale kostenbedrag, dat zo al gauw kan oplopen tot 5 à
6 %.
Effectenrekening
Aan die rekening zijn beheerskosten
verbonden; de tarieven kunt u in detail opvragen bij de tussenpersoon.
Minimale inleg
Gezien het risico moet één aandeel niet te zwaar wegen in uw
portefeuille. Maar rekening houdend met de vaste transactiekosten voorziet
u best een minimum van 2 000 euro per transactie op Euronext
Brussel en 5 000 euro op andere beurzen.
Wisselkosten
Als u een aandeel wilt kopen dat niet in euro noteert, dan moet u eerst
uw euro’s omwisselen voor de betreffende munt. U betaalt daarvoor wisselkosten.
Die zijn inbegrepen in de wisselkoers.
 |
Fiscaliteit
Ieder van ons weet dat we in ons land maar zelden een euro kunnen verdienen
zonder dat de fiscus er een paar cent van wil meepikken.
Belasting op het
dividend : de voorheffing Het deel van de
winst dat een bedrijf wil delen met zijn aandeelhouders wordt al afgeroomd door
de vennootschapsbelasting. Maar voor de fiscus is dat nog niet genoeg. Wanneer
de aandeelhouders hun dividend
krijgen, wordt dat gezien als inkomsten.
En op die inkomsten moeten ze belastingen betalen. Die belasting (in België
: de roerende voorheffing) wordt onmiddellijk bij het ontvangen van het
dividend afgehouden.
Voor Belgische aandelen geldt een voorheffing van 25 % op het bedrag van het
dividend. Op een bruto dividend van 15 euro betaalt u dus 3,75 euro voorheffing.
Het dividend dat u effectief krijgt, het netto dividend, bedraagt dus 11,25
euro. Meestal wordt ook dat cijfer gepubliceerd, want dat is ook het
uiteindelijke bedrag dat van belang is voor de aandeelhouder. De voorheffing
werkt liberatoir : op de coupons zal verder geen belasting meer worden geheven. U
hoeft ze ook niet te vermelden in de belastingaangifte. Ook op dividenden van
Belgische aandelen die u in het buitenland int, betaalt u een voorheffing van 25
%.
Op dividenden van buitenlandse aandelen wordt de
Belgische voorheffing op dezelfde manier toegepast, ongeacht of ze op Euronext
Brussel noteren of niet, maar wordt er in de meeste gevallen door het land
van herkomst ook een voorheffing aan de bron afgehouden. Op die manier worden de
dividenden van buitenlandse aandelen tweemaal belast. Het is dan ook om die
reden dat die buitenlandse aandelen normaal gezien niet zozeer omwille van de
kans op hoge dividenden worden gekocht, maar eerder omdat ze een meerwaarde
kunnen opleveren. Als u dividenden van buitenlandse aandelen buiten België gaat
innen, dan betaalt u er geen Belgische voorheffing op. De verkregen inkomsten
moeten in dat geval wel in de aangifte worden vermeld, anders wordt het gezien
als belastingsfraude. Toch zijn er nogal wat Belgen die ze niet aangeven …
LET OP In Budget-net verstaan we onder
nettodividend het dividend na afhouding van de belasting in het
land waarin het aandeel noteert.
Voor Belgische aandelen is het opgegeven nettodividend dus wel degelijk de
precieze som die aan de Belgische aandeelhouder wordt uitgekeerd. Het gaat dus
om het brutodividend, verminderd met de roerende voorheffing, die momenteel 25 %
bedraagt.
Voor buitenlandse aandelen wordt in het land van oorsprong
een belasting afgehouden aan de bron, waarna het nettodividend overblijft (het
brutodividend min de belasting die in dat land wordt afgehouden). Om het
precieze bedrag te kennen dat hij zal krijgen, moet de Belgische aandeelhouder
die zijn coupon in België int, ook nog rekening houden met een tweede Belgische
belasting en van het “nettodividend” dus nog eens de Belgische roerende
voorheffing aftrekken, die momenteel 25 % bedraagt.
Belastingen beperken : strips
Van sommige Belgische aandelen
bestaan er ook VVPR-strips (strips met verminderde voorheffing – précompte réduit). Wie strips
bezit betaalt maar 15 % voorheffing in plaats van de gebruikelijke 25 %.
En de meerwaarde?
Op de winst die gemaakt wordt bij de verkoop van een aandeel, of anders
gezegd de meerwaarde, wordt in België geen belasting geheven.
 |
Methodologie en selectie
Budget
Week gaat tewerk volgens de fundamentele analyse waarbij de vooruitzichten
voor de toekomst naar voren worden geschoven. Dat is in tegenstelling tot
technische analyse, waarbij enkel grafieken uit het verleden aan bod komen.
Het hoofdcriterium is de berekening van de theoretische waarde van een
aandeel, waarvoor met een aantal factoren rekening wordt gehouden.
Het dividend
Welk bedrag kunnen we verwachten als het gaat over de dividenden
van volgend jaar, het jaar
erna, enz. … tot het einde van de looptijd van uw belegging?
We proberen de vooruitzichten zo nauwkeurig mogelijk te formuleren en
daarvoor maken we een analyse van het betreffende bedrijf (positiehandhaving,
groeipotentieel, financieringsmogelijkheden, beheer, …) en van de sector.
Naarmate de jaren vorderen moeten de groei van het bedrijf en van het dividend
dat het uitkeert logisch gezien samenvloeien tot het gemiddelde van de sector.
De vereiste return
Het dividend moet worden vergeleken met de opbrengst die kan gehaald worden
uit beleggingen met vaste rentevoet zoals bijvoorbeeld staatsobligaties, waar
nog een risicopremie wordt aan toegevoegd: welk rendement willen de beleggers
krijgen via een belegging in aandelen, als compensatie voor het hogere risico
ten opzichte van staatsobligaties? De risicopremie wordt berekend aan de hand
van de coëfficiënt Bèta (hoe een aandeel zich gedraagt op de beurs, het
risicogehalte). We rekenen dat er gemiddeld een extra rendement van 3,5 % moet
zijn om beleggingen in aandelen voorrang te geven op staatsobligaties.
Beurskoers
Als de theoretische waarde hoger ligt dan de beurskoers van dat ogenblik, dan
is het aandeel ondergewaardeerd of goedkoop. Is de theoretische waarde lager dan
de koers, dan is het aandeel overgewaardeerd of duur. Daar tussen ligt de
correcte waarde.
Tot zover de basisberekening!
We houden ook nog rekening met andere elementen bij het formuleren van een
advies: - de verhouding koers/winst - de verhouding koers/cash flow -
vergelijking van de koers met de boekwaarde (grosso modo: eigen middelen, dwz
kapitaal + reserves) - vergelijking van de koers met de intrinsieke waarde
(de reële waarde van de activa van het bedrijf; de waarde van de bedrijven
hebben een grote invloed op de waarde van de holding) - de bèta: hoe sterk
wijkt de koers van een aandeel af van zijn de gemiddelde van de markt - de
toestand van andere aandelen op de markt, vergelijking tussen de aandelen zelf
- toestand van de rentevoeten en de verwachtingen op dat vlak - macro-economische factoren, per regio of per land
(inflatie, groeipercentages, handelsbalans (export/import) en de lopende rekening, productiviteit, evolutie BBP
, wisselmarkt, …) - politieke factoren (politiek systeem,
komende verkiezingen, conflicten, …)
Wat is de doelstelling?
Het is de bedoeling het beursgemiddelde te overtreffen door voornamelijk
goedkope of zeer goedkope aandelen te kopen die zo stabiel mogelijk zijn.
 |
Meer weten over...

|