|
Kasbons en verzekeringsbons : Verzekeringsbon
De verzekeringsmaatschappijen bieden beleggingsformules aan die
overeenkomsten, maar ook verschillen met kasbons vertonen.
· Minimale inleg : vaak 2 500
euro
· Intresten : meestal worden ze niet
jaarlijks uitgekeerd maar bij het startkapitaal gevoegd, dus gekapitaliseerd. Ze
leveren op hun beurt weer intresten op. De opbrengst van de belegging wordt dus
pas uitgekeerd op vervaldag, wanneer de houder zijn startkapitaal ontvangt
vermeerderd met de gekapitaliseerde intresten.
· Nominatief : de verzekeringsbons
worden steeds ingeschreven op naam van de houder. Het gaat immers om een
levensverzekering. Het is niet mogelijk ze discreet aan wie dan ook af te
staan.
· Kosten : in tegenstelling tot kasbons,
worden bij bepaalde verzekeringsbons instapkosten aangerekend, namelijk 1, 2, 3
of zelfs 4 % van het kapitaal. Er zijn geen uitstapkosten.
· Fiscaliteit : als de bon een duur
heeft van meer dan acht jaar (minimum acht jaar en één dag) of als er een
dekking bij overlijden is voor 130 % van het belegde kapitaal, wordt de
opbrengst van deze belegging niet belast. De overgrote meerderheid van de
verzekeringsbons op de Belgische markt voldoen aan deze voorwaarden. Er is geen
beurstaks.
· Rendement : dit zal uiteraard afhangen
van het rentepeil, van de instapkosten maar ook, door de verzekering die aan de
belegging gekoppeld is, van de leeftijd en het geslacht van de verzekerde. Voor
oudere mensen zal dit type belegging minder rendabel zijn omdat een groter deel
van hun vermogen gebruikt zal worden om de dekking bij overlijden te financieren
(hoger risico op overlijden).
· Winstdeelname van de maatschappij :
afhankelijk van de contracten.
· Verkoop vóór vervaldag : mogelijk maar
vaak zwaar bestraft, dus af te raden.
· Medische formaliteiten : soms moet een
gezondheidsattest de dekking bij overlijden staven.
· Bestemming van het kapitaal bij
overlijden : het kapitaal wordt uitgekeerd aan de begunstigde van de
overlijdensverzekering, vermeerderd met de verworven intresten, met een minimum
van 130 % van het oorspronkelijke kapitaal (in de meeste gevallen). Op het
geheel zijn verplicht successierechten verschuldigd.
In Luxemburg De Luxemburgse verzekeringsbons zijn
zelden voorzien van een dekking bij overlijden voor 130 % van het kapitaal.
Als ze geen minimale duur hebben van acht jaar en één dag, is hun opbrengst dus
belastbaar. Vermits de maatschappij niet verplicht is de voorheffing voor de Luxemburgse bons af te houden, moet de
opbrengst van deze bons vermeld worden in de belastingaangifte (de
verzekeringsproducten worden niet betrokken door de Europese richtlijn over de
spaarfiscaliteit). De minimale inleg is vaak hoger in Luxemburg en kan
oplopen tot 5 000 euro.

|