Het exploitatieresultaat (winst of verlies) stemt
in principe overeen met de bedrijfsopbrengsten verminderd met de bedrijfskosten
of exploitatiekosten.
Andere termen die gebruikt worden om hetzelfde aan te duiden zijn
operationele resultaat, bedrijfsresultaat of EBIT (earnings before interest and
tax). Ter verduidelijking : de bedrijfsopbrengsten bestaan uit de omzet
– de opbrengst uit de verkoop van goederen en diensten in het kader van de
gebruikelijke activiteit van het bedrijf – en andere opbrengsten, zoals
onder meer subsidies, ontvangen huurgelden, enzovoort. De bedrijfskosten zijn
alle kosten die een onderneming moet dragen om haar activiteit te kunnen
uitoefenen. Het operationele resultaat houdt dus geen rekening met de financiële
lasten, zoals de intresten op leningen en de financiële opbrengsten,
bijvoorbeeld uit beleggingen. Het houdt ook geen rekening met de belastingen.
Met de invoering van de
IFRS-boekhoudnormen kregen echter zo goed als alle uitzonderlijke resultaten een
plaatsje binnen de bedrijfsopbrengsten en bedrijfskosten. Zo bevatten de omzet-
en winstcijfers tegenwoordig dus ook alle uitzonderlijke elementen. Om toch een
onderscheid te maken, spreken bedrijven daarom tegenwoordig vaak ook van
"recurrente” of “courante" bedrijfsopbrengsten en –kosten, "recurrent” of
“courant" bedrijfsresultaat of REBIT (recurrent earnings before interest and
tax). Volgens de IFRS-regels bestaan die termen officieel niet, maar ze
verwijzen dus inderdaad naar de opbrengsten, kosten en resultaten uit de
"normale" bedrijfsvoering.