Fundamenteel gezien is een note een schuldpapier te
vergelijken is met een obligatie. De belegger die een “note” koopt, leent geld
aan de emittent. Net zoals bij obligaties loopt hij dus eveneens het risico dat
hij zijn geld niet terugkrijgt in geval de emittent met de betaling in gebreke
blijft of failliet gaat. De markt van de “notes” was aanvankelijk enkel bestemd
voor de institutionele beleggers, maar is geleidelijk aan ook toegankelijk
geworden voor particulieren, met name als gevolg van de
ontwikkeling van speciale formules, waarbij de vergoeding van de belegger niet noodzakelijk gebeurt
in de vorm van coupons, maar via een welbepaalde structuur. Zo kan het rendement
van deze notes gekoppeld zijn aan de evolutie van één of meerdere beursindexen of
van één of meerdere aandelen. Ook kan er aan de notes een
clausule zijn gekoppeld rond vervroegde terugbetaling, hetzij als de uitgever daartoe beslist, hetzij
als aan een vooraf bepaalde voorwaarde is voldaan. Tot slot
willen we er ook nog op wijzen dat het bedrag dat
op de eindvervaldag wordt terugbetaald lager kan liggen dan de nominale waarde
van de notes en dus minder dan 100 % kan bedragen.
Precies om die verschillen aan te duiden met de klassieke obligaties gebruikt men
de termen “note” om deze formules aan te duiden.