Brouwerijgroep Interbrew (28,95 EUR) heeft een goed
halfjaar achter de rug. De omzet is met 68 % toegenomen, wat voornamelijk
te danken was aan de Britse overnames (interne groei = 7 %) en de
bedrijfswinst vóór goodwillafschrijvingen steeg met 47 % (+ 6,4 %
interne groei). De activiteiten in Noord-Amerika en in de groeiregio's (Centraal
Europa en Azië) draaiden op volle toeren, maar in West-Europa liep de winst wat
terug. De directie van Interbrew wijt dit aan de ongunstige weersomstandigheden
in mei en juni en verwijst ook naar het feit dat de resultaten van de eerste zes
maanden van vorig jaar "opgefleurd" werden door het EK. Voor heel 2001 hebben we
onze winstramingen ongewijzigd op 1,07 EUR per aandeel. Voor 2002 trekken
we ons winstcijfer van 1,15 op tot 1,22 EUR. De politiek om een
portefeuille van speciale bieren te beheren ondersteund door een lokaal getinte
marketing lijkt te worden beloond : de laatste zes maanden is de gemiddelde
verkoopprijs van de Interbrewbieren met meer dan 10 % gestegen. Het lijkt
erop dat Interbrew beter dan zijn concurrenten zijn prijzen kan optrekken zonder
dat de verkoop er onder lijdt. Wat de recente overname van het Duitse Beck's
betreft, het argument dat het om een "internationaal merk (gaat) met een
complementaire inplanting" lijkt de operatie en de schijnbaar hoge prijs te
rechtvaardigen, al beschikken we niet over voldoende gegevens om de financiële
impact in te schatten. Zolang het geschil i.v.m. de overname van het Britse
Bass niet is opgelost, kopen goede huisvaders dit correct gewaardeerde aandeel
beter niet. Speculatief ingestelde beleggers die een hoger dan gemiddeld risico
aanvaarden, mogen een gokje wagen. Het Britse probleem weegt op de koers en een
billijke uitspraak kan tot een snelle hausse leiden.
Speculanten mogen gokken op een aanvaardbare oplossing van het probleem in
Groot-Brittannië.