Interbrew (29,30 EUR) heeft in 2001 bewezen dat het in
staat is moeilijke dossiers tot een goed einde te brengen zonder zijn strategie
te verwaarlozen. De Belgische brouwerijgroep is er inderdaad in geslaagd om de
Britse voor concurrentiezaken bevoegde autoriteiten te doen afzien van hun eis
om Bass in zijn geheel terug te verkopen. Ze mag uiteindelijk de Schotse en
Ierse Bass-activiteiten behouden, alsook de merken Bass Ale en Tennent's, en
verkoopt tegen een o.i. correcte prijs Carling, het belangrijkste Britse bier.
De verkoop moet nog goedgekeurd worden door de concurrentieautoriteiten, maar
ons inziens zal dat geen problemen opleveren aangezien de overnemer, het
Amerikaanse Coors, niet aanwezig is op de Britse markt. Ondertussen heeft
Interbrew de afgelopen 12 maanden ook gebruikt om zijn positie in Oost-Europa
lichtjes te verstevigen, maar vooral om zich via de overname van Beck's toegang
te verschaffen tot de Duitse markt, de grootste bierverbruiker van Europa. 2002
wordt ongetwijfeld een rustiger jaar voor Interbrew. De aandacht zal vooral gaan
naar de interne groei en naar de volledige integratie van de overnames van de
laatste 18 maanden teneinde de synergieën op het gebied van kosten en inkomsten
beter te benutten. Interbrew krijgt voor Carling een o.i. correcte prijs
betaald (8 keer de bedrijfswinst), maar we zullen moeten wachten tot de
publicatie van de jaarresultaten op 13 maart om te weten wat de Bass-affaire de
groep echt gekost heeft. Wij zijn er gerust in en volgens ons zal de winst per
aandeel een stuk boven de door ons geraamde 1,07 EUR liggen. Het aandeel is
evenwel duur. Houden, maar niet kopen.
De gunstige afwikkeling van het Bass-dossier zet Interbrew weer op de sporen.
Te duur om te kopen. Houden.