|
Autosector in Europa (10 okt 2005)
Op het recente autosalon van Frankfurt bevestigden de Europese
constructeurs nogmaals dat ze op korte termijn niet op een vriendelijker klimaat
in de sector rekenen. De concurrentie zal hard blijven. Sommige groepen zoals
Volkswagen, Opel (groep General Motors) en Mercedes (DaimlerChrysler) zitten
bovendien nog altijd met de gevolgen van strategische vergissingen uit het
verleden. Beleggen in de automobielsector lijkt daarom niet bepaald
aantrekkelijk, zeker niet na de recente forse klim (+27 % sinds januari,
tegen +17,5 % voor de DJ Stoxx 50). Toch vinden we Volkswagen (het
VZ-aandeel) en Peugeot een koopje waard.
EVOLUTIE VAN DE EUROPESE AUTOSECTOR (in
%)

Het ene jaar is het andere niet en 2005 zal
niet bepaald als een schitterend jaar voor de autoverkoop geboekstaafd
worden.
(R) : raming
De autoverkoop in Europa
Na een archislecht jaarbegin, kwam de autoverkoop in het tweede
kwartaal weer iets beter op gang dankzij de nieuwe modellen die op het publiek
werden losgelaten. Daardoor werden er in eerste acht maanden van dit jaar in
Europa uiteindelijk slechts 0,5 % minder nieuwe auto’s verkocht dan een
jaar geleden. Eigenlijk best een behoorlijk resultaat als men de zwakke
economische groei en de hoge brandstofprijzen in aanmerking neemt. Volkswagen
zag zijn verkoopcijfer (in volume) in de periode januari-augustus zelfs met
4,8 % toenemen, een krachttoer die de groep behalve aan de lancering van
nieuwe modellen dankt aan haar promotie-inspanningen. De komende maanden zou
het nieuwe-modelleneffect verder moeten spelen, zodat de activiteit op de
Europese automarkt over heel 2005 zowat op hetzelfde peil zal liggen als in
2004. Volgend jaar zou de markt dankzij het commerciële dynamisme waarvan de
autoconstructeurs blijk geven, met zo’n 1,5 à 2 % moeten kunnen groeien,
ten minste als de olieprijs het niet al te bont maakt.
Kleine wagens aan de lopende
band De slappe conjunctuur die
al geruime tijd de West-Europese landen teistert, zorgt ervoor dat de
consumenten steeds beter op de kleintjes letten. De prijs van een wagen speelt
een steeds grotere rol, en de autoconstructeur spelen daar onder druk van de de
concurrentie op in door allerlei kortingen toe te staan en door voor het
goedkope segment (goed voor ongeveer 5 % van de automarkt) nieuwe modellen te
ontwikkelen. Om de rendabiliteitsdrempel van deze weinig winstgevende markt (bedrijfsmarge van 1 à 2 %) te verlagen, is het zaak om de
kosten zo veel mogelijk te drukken. Zo zijn low budgetmodellen meestal de vrucht
van een samenwerking : de kleine Logan van Renault rolt van de band in de
fabrieken van de Roemeense dochter Dacia, de 107 van Peugeot, de C1 van Citroën
en de Aygo van Toyota worden alledrie op dezelfde Tsjechische site geproduceerd,
en sinds kort werken ook Ford en Fiat samen aan de ontwikkeling van een kleine
wagen. Ondertussen zijn er wel nieuwe kapers op de kust. Op het laatste
salon van Frankfurt stelden drie Chinese autoconstructeurs een low
budgetautootje voor. Gezien de gebrekkige afwerking van de wagens en het feit
dat ze in Europa niet of nauwelijks over een commercieel netwerk beschikken,
vormen ze niet direct een bedreiging, maar als men ziet hoe de Koreaanse en de
Japanse merken zich de laatste decennia verspreid hebben, dienen deze
concurrenten toch goed in het oog te worden gehouden.
De lok van
Oost-Europa Niet toevallig worden veel van deze goedkope modellen in
Oost-Europa gemaakt, waar de productiekosten lager zijn dan in onze contreien.
In het eerste semester steeg de autoproductie in de vroegere Oostbloklanden met
6 %, terwijl ze in de “rijke” buurlanden met 2,6 % achteruitboerde. We
noemden hiervoor al enkele namen van autobouwers die een deel van hun productie
naar Oost-Europa verhuisden. Aan dat lijstje kunnen we ook Opel (Europees merk
van General Motors) toevoegen, dat zijn nieuwe Zafira in Polen laat bouwen. En
het Koreaanse Kia heeft in Slowakije een fabriek opgestart waar wagens voor de
West-Europese markt gefabriceerd worden. Doelstelling : een half miljoen
verkochte auto’s tegen 2008. Op termijn moet deze (geleidelijke) overheveling
van de productie naar “goedkope” landen de rendabiliteit van de
automobielgroepen ten goede komen.
Fusies, neen, dankjewel
! In het feit dat Porsche zijn aandeel in het kapitaal van VW heeft
opgetrokken en in de (ontkende) geruchten dat DaimlerChrysler hetzelfde van plan
zou zijn, menen sommigen de aanloop naar een nieuwe fusiegolf in de autosector
te herkennen. Wij geloven daar niet in. De fusieoperaties van de voorbije jaren
bezorgden de “actieve” partner immers een zware kater, alle beloofde besparingen
(schaalvoordelen, gemeenschappelijke onderdelen, gedeelde financiële middelen)
ten spijt. Denk maar aan de problemen die Daimler in huis haalde met Chrysler,
BMW met (het inmiddels weer afgestoten) Rover en recenter de participatie die
General Motors nam in het noodlijdende Fiat. Zo’n megaoperatie is dan ook een
complexe bedoening : verschillende of zelfs tegenstrijdige bedrijfsculturen die
de besluitvorming bemoeilijken, liquiditeiten die naar de zwakke broertjes
gesluisd worden ten nadele van de pronkjuwelen van de productie… Zelfs
Volkswagen draagt nu nog de gevolgen van de fusies uit het verleden die de
autofabriek in Wolfsburg deden uitgroeien tot een groep die er niet meer in
slaagt haar viervoudig gamma (VW, Audi, Seat, Skoda) adequaat te beheren.
Renault is op dit vlak de uitzondering die de regel bevestigt. De geslaagde
overname van Nissan voltrok zich geleidelijk, waarbij het Japanse merk een heel
stuk autonomie gelaten werd.
Toekomst aan de groene
auto ? De hoge olieprijs maakte dat er in Frankfurt heel wat
aandacht ging naar auto’s met een hybride motor (combinatie warmte- en
elektrische motor). Maar voorlopig moet er voor de winstgroei geen impuls vanuit
die hoek verwacht worden. Dure batterijen en elektrisch/elektronische systemen
drijven de productiekosten met zo’n 3 300 à 5 700 EUR per auto
op. En hoewel er met een hybride motor tot 30 % brandstof kan bespaard
worden, blijft een warmtemotor goedkoper. Op langere termijn kan de groeiende
populariteit van deze modellen de rendabiliteitsdrempel evenwel verlagen. Toyota
is er klaar voor : de Japanse constructeur zag de verkoop in de VS van zijn
Prius, auto van het jaar 2005, in september met 23 % toenemen. De
concurrentie begint zich met veel vertraging te organiseren : Ford mikt tegen
2010 op een verdubbeling van zijn hybride productie, BMW, Daimler en GM hebben
een samenwerkingsakkoord gesloten voor de ontwikkeling van een hybride model.
Besluit Aangezien van
fusies en van nieuwe technologieën, voorlopig dan toch, niet veel heil te
verwachten valt, doen de autoconstructeurs voor de verbetering van de
rendabiliteit een beroep op de beproefde recepten : verhogen van de
productiviteit en de vernieuwing van het gamma. Na de hausse van de laatste
maanden, houden de beurskoersen van de meeste aandelen echter al rekening met
het verwachte herstel.
PEUGEOT / VOLKSWAGEN VZ

In de Europese autosector staan enkel PSA
Peugeot (vet, linkerschaal) en Volkswagen VZ op ons aankooplijstje. Hun koers
houdt nog geen rekening met het herstelpotentieel.
Onze adviezen · Volkswagen
(37,01 EUR voor het VZ-aandeel) lijkt
vastberadener dan ooit om de strijd aan te binden met de (te) hoge
productiekosten. Er zijn nieuwe maatregelen gepland, met name in de Duitse
fabrieken waar de overcapaciteit de rendabiliteit zwaar onder druk zet. VW
streeft er ook naar om zijn modellen beter te laten aansluiten bij de wensen van
zijn klanten (betere differentiatie, vereenvoudigd aanbod…). Een lovenswaardig
voornemen, dat echter pas op lange termijn effect zal sorteren. Het feit dat
Porsche in het kapitaal participeert, brengt de herstructurering niet in gevaar.
Goedkoop aandeel. Kopen.
· De merken van VW
worden in België verdeeld door D’Ieteren (198,50 EUR). Dit aandeel
zal ongetwijfeld profiteren van de vernieuwing van het gamma van Volkswagen en
de groep zal er waarschijnlijk in slagen om haar marktaandeel boven de voor dit
jaar vooropgestelde 19 % te tillen. Maar autoverhuurder Avis Europe waarvan
D’Ieteren 59,6 % bezit, kampt nog altijd met problemen (sterke toename van
de concurrentie en te trage herstructurering). Daarom verkopen we dit overigens
dure aandeel.
· Peugeot
(56,15 EUR)
brengt in 2006 de nieuwe 207 op de markt ter vervanging van de populaire 206 die
ongeveer 25 % van de omzet vertegenwoordigt. Een serieuze stimulans voor de
verkoopcijfers en de rendabiliteit (hogere marges dan op de verouderde 206).
Daarnaast blijft de groep de kosten terugdringen via partnerships, het gebruik
van dezelfde platforms voor verschillende modellen en een meer internationale
bevoorradingspolitiek. Goedkoop aandeel. Kopen.
· Fiat
(7,26 EUR)
heeft al drastisch in de kosten gesnoeid en mikt nu op de nieuwe Punto om de
verkoop terug op gang te brengen. Voor de komende jaren zitten er nog
verschillende andere modellen in de pijplijn. Maar de concurrentie zit
ondertussen natuurlijk ook niet stil. De polen “vrachtwagens” en
“landbouwmachines” lijken bovendien een hoogtepunt bereikt te hebben. Volgens
ons zit het verwachte herstel al voor een groot deel in de koers van dit correct
gewaardeerde aandeel. Houden.
· BMW
(38,87 EUR)
blijft de vruchten plukken van de lancering van de S1 en de S3 en vergroot zijn
marktaandeel op het segment van de luxewagens. Maar in 2006 zal het ritme van de
omzetgroei wellicht vertragen. Ondertussen spint deze constructeur die erg
aanwezig is in de VS garen bij de recente verzwakking van de euro tegenover de
dollar. De groep laat haar aandeelhouders mee profiteren van de goede gang van
zaken en koopt eigen aandelen in.
U mag dit correct gewaardeerde aandeel
houden.
· Ondanks de lancering
van de Clio III kampt Renault (77,10 EUR) met een verouderd gamma. We
verwachten dat het nieuwe management begin 2006 nieuwe besparingsmaatregelen zal
aankondigen. Bij dochter Nissan die een groot haar omzet in de VS realiseert,
kunnen de marges onder druk komen (concurrentie). Correct gewaardeerd aandeel.
Houden.
· De nieuwe voorzitter
van Daimler (43,30 EUR) heeft een afvloeiingsgolf
aangekondigd bij Mercedes dat lijdt onder de toenemende concurrentie en onder de
gevolgen van de fusie met Chrysler. In 2006 wordt er mogelijk een aanvang
gemaakt met de vereenvoudiging van de groep. Correct gewaardeerd aandeel.
Houden.
General Motors
(28,29 USD) zag zijn verkoop in september met 24 % terugvallen.
Het feit dat ex-dochter Delphi (auto-onderdelen) de boeken heeft neergelegd, zal
de rekeningen van GM bovendien negatief beïnvloeden, wat de komende weken op de
koers riskeert te wegen. Maar we gokken erop dat GM een akkoord bereikt met de
vakbonden zodat de kosten voor de gezondheidszorgen naar beneden kunnen en de
rendabiliteit verbetert. Het aandeel is goedkoop. Een gokje waard voor durvers.


|