Voor de autodistributie was de eerste jaarhelft iets beter dan
verwacht, maar niet voldoende om ons advies over dit dure aandeel te
wijzigen. VERKOPEN.
Terwijl de Belgische automarkt met 5,3 % kromp, slaagde de
autodivisie van D’Ieteren erin het aantal verkochte wagens
op peil te houden (+1,5 %). De omzet steeg zelfs met 5 % dankzij het
succes van het merk Audi (hoge winstmarges). Maar gezien de sterke concurrentie
verwachten we geen significante stijging van de marges in de autodistributie,
noch dit jaar, noch de volgende, temeer daar de Franse autoconstructeurs, die
later aan de vernieuwing van hun gamma begonnen zijn dan Volkswagen, hun grote
comeback voorbereiden. Avis Europe verhuurde wel meer wagens dan verwacht, maar
de tarieven zitten in een neerwaartse spiraal (concurrentie) en de groei komt
vooral van minder winstgevende segmenten (verzekeringen, leasing). Volgens ons
zal, behoudens de sterke daling van de herstructureringskosten bij Avis, enkel
dochter Belron (autobeglazing) de komende jaren voor winstgroei op groepsniveau kunnen
zorgen. Gezien de zachte winter (niet gunstig voor de activiteit) is de
omzetgroei van 6 % (30 % als men het Amerikaanse Safelite meerekent)
die Belron in het eerste semester realiseerde, verre van slecht. We laten onze
winstramingen voor 2007 en 2008 ongewijzigd op 21,90 en 24,04 EUR per
aandeel.
Koers op het moment van de
analyse : 333,17 EUR
D’Ieteren (vet, linkerschaal,
in EUR) trekt zich niets aan van het feit dat Avis Europe (fijne lijn,
rechterschaal, in EUR) nu al zes jaar in het slop zit. De goede prestaties van
Belron volstaan o.i. niet om het huidige koerspeil te
rechtvaardigen
.
D’Ieteren is de Belgische invoerder van auto’s
van de merken van de VW-groep, ook actief in autoverhuur (Avis Europe) en in
autoruiten (Carglass, ...).
De bedrijfsmarge
is het cijfer dat bekomen wordt
door de bedrijfswinst te delen door de omzet, vermenigvuldigd met
honderd.
Big Mac
Big Mac is de
index berekend op basis van de prijs van de Big Mac Hamburger in meer dan
honderd landen om de graad te meten van de over- of onderwaardering van een munt
op basis van de koopkracht.