|
|
|
|
AANVRAAG TOT TERUGBETALING : CONCRETE GEVALLEN
|
- De heer 1 tekende in januari 2002 voor een bedrag van
12 000 EUR in op een uitgifte van staatsbons. Hij betaalde een taks op
de beursverrichtingen (TOB) van 0,14 % of 16,8 EUR.
De
fiscus weigert de terugbetaling omdat de intekening gebeurde vóór de
geldende datum (16 juli 2002).
- De heer 2 verwierf in augustus 2002 aandelen bij een
uitgifte (die aandelen bestonden voor die datum in geen enkele vorm). Hij
belegde 5 000 EUR en betaalde een beurstaks van 0,35 % of
17,5 EUR. Hij vroeg bovendien om de materiële levering van de effecten en
betaalde dus ook de toen geldende leveringstaks van 0,2 % of
10 EUR.
Hij heeft recht op de terugbetaling van de onterecht
betaalde bedragen van 17,5 EUR + 10 EUR. Omdat de transactie plaats
had tussen 16/07/2002 en 30/03/2003
,
is hij verplicht om zijn terugvordering in te dienen voor 31 maart
2005.
- Mevrouw 3
heeft op 6 juli 2003 een portefeuille samengesteld met
diverse deelbewijzen van kapitalisatiefondsen. Alles bij elkaar trok ze
daar 20 000 EUR voor uit. De taksen bedroegen 1 % en kwamen dus
uit op 200 EUR.
Zij heeft recht op de terugbetaling van dit
bedrag en moet daarvoor een aanvraag indienen binnen de twee jaar die volgend op de transactiedatum, dus ten laatste op 6 juli
2005.
- De heer 4 kocht in maart 2004 aandelen Belgacom op het
ogenblik dat die een beursnotering kregen. Hij betaalde een taks van
0,17 %.
Hoewel het hier om een beursintroductie ging, heeft
hij geen recht op een terugbetaling, want het ging niet om de uitgifte van
nieuwe effecten : de aandelen Belgacom bestonden immers al voor ze een
beursnotering kregen.
- Mevrouw 5 belegde op 3 april 2004 tijdens de
intekenperiode in euro-obligaties van Deutsche Bank. Ze betaalde 0,14 % TOB
en ook de leveringstaks, die sinds 1 januari 2004 was opgetrokken tot
0,6 %.
Ze heeft recht op de terugbetaling van beide taksen
en moet haar aanvraag ten laatste op 3 april 2006 indienen. Ze moet wel
beseffen dat ze op die manier onvermijdelijk ook de fiscus op de hoogte
brengt van
het feit dat ze euro-obligaties bezit. Het is aan haar om te zien waar ze die
bewaard heeft en in welke mate ze haar fiscale verplichtingen rond die
obligaties is nagekomen.
- Mevrouw 6 belegde in dezelfde euro-obligaties maar kocht
ze in juli 2004 op de secundaire markt. Ze betaalde een TOB van 0,07 % en
een leveringstaks van 0,6 %.
Deze taksen kunnen niet worden
teruggevorderd, want het gaat om een aankoop op de beurs en niet om de
intekening op nieuwe effecten.
- Op de effectenrekening van de heer 7 staan gemengde
kapitalisatiefondsen van Sivek Global, een fonds van KBC. Omdat hij vertrouwen
heeft in een positieve ontwikkeling op de beurs stapt hij in mei 2004 uit dit
defensieve fonds over naar Sivek Global Low, een neutraal gemengd fonds van KBC.
Voor die overstap werd een taks van 1 % aangerekend.
Deze
taks moet worden terugbetaald want alle intekeningen op een fonds gebeuren via
de creatie van nieuwe deelbewijzen. Het gaat dus om de uitgifte van deelbewijzen van Sivek Global
Medium, zoals voorzien in de Europese richtlijn. Opgelet :
Inmiddels, ten gevolge van een wettelijke aanpassing, in geval van overstap,
wordt de "uitstap" van de eerste compartiment wel belast (0,5 %); de"instap" in de nieuwe compartiment wordt niet
belast.
- De heer en mevrouw 8 bouwden een nieuw huis en verkochten
daarom in juni 2004 al hun obligaties, kasbons en staatsbons. Op de verkoop van
de obligaties en de staatsbons moesten ze een taks van 0,07 %
betalen.
De afschaffing van de taks slaat louter op de uitgiftes.
Verkoopoperaties zijn dus sowieso uitgesloten. Tot nu
toe blijven daarvoor dezelfde taksen van kracht. De heer en mevrouw 8 hebben
dus geen recht op een terugbetaling.
- Elk lid van de familie 9 beschikt
over een stuk van het geërfde kapitaal van de in mei 2004 overleden vader. Een
groot aantal van al deze effecten, waarvan de meeste in materiële vorm wordt
aangehouden, werd verworven na 16 juli 2002. De betreurde vader betaalde
daarvoor toen beurs- en leveringstaks.
Voor de effecten die betrekking hebben op nieuwe
uitgiftes kunnen de erfgenamen een aanvraag indienen tot terugbetaling
van de taks. Eén lid van de familie kan de globale terugbetaling vragen en zich
engageren om het geld te delen met zijn mede-erfgenamen. Op het
aanvraagformulier moet hij de identiteit van de overledene vermelden, evenals
zijn laatste fiscale woonplaats en de datum van overlijden. Ook in dit geval
brengt de aanvraag tot terugvordering de fiscus op de hoogte van het
bezit van de betrokken effecten. De erfgenamen moeten dus bekijken in welke
mate de overledene en zijzelf hun fiscale verplichtingen voor de betrokken
effecten zijn nagekomen zowel inzake de aangifte van roerende inkomsten als
inzake de aangifte van de erfopvolging.
 |

|
|
|