|

In België bepaalt de zogenaamde “Code Lippens” (die door de bevoegde
autoriteiten als referentiecode wordt erkend maar niet verplicht is) dat
ondernemingen die op gereglementeerde markten noteren sinds 1 januari 2006 een
charter rond corporate governance moeten publiceren. Acht op de tien Belgische
genoteerde bedrijven voldoen daaraan en bij de bedrijven die noteren op de
continumarkt zijn er zelfs 9 op 10. De beoogde zelfregulering lijkt dus op het
eerste gezicht gelukt te zijn, maar toch is deze oplossing nog niet ideaal. De
Code, die gebaseerd is op het principe “dat men zich naar de aanbevelingen moet
schikken of anders moet uitleggen waarom men dat niet doet” werd immers nogal
pragmatisch opgesteld. Ze houdt rekening met de specifieke Belgische situatie
dat er veel controlerende aandeelhouders zijn en laat de ondernemingen nog veel
speelruimte. Dat weerspiegelt zich ook in de resultaten van ons onderzoek, met
name rond het criterium dat het functioneren van de raad van bestuur (zie
verder) bekijkt. Op dat vlak scoort België immers minder goed dan het gemiddelde
van de 421 bevraagde bedrijven. Globaal genomen doet België met een score van
5,3/10 weliswaar nauwelijks onder voor het algemene gemiddelde (5,4/10) maar er
kan toch nog veel vooruitgang worden geboekt.

|