|

ERGO 30 - 40 - 60 (25 apr 2008 )
Hamburg Mannheimer kijkt op geen argument min of meer om de formule ERGO :
“Combineer de zekerheid van een beleggingsverzekering met een potentieel hoog
rendement van één of meerdere uitmuntende beleggingsfondsen.”
En ze
benadrukt één en ander met een afbeelding van een olifant op de hoogste trede
van een podium, die op zijn rug het cijfer 10,83 % heeft prijken. Een
sterretje achter dat cijfer verwijst wel naar een tekst die zegt dat het om een
rendement uit 2007 gaat “indien u koos voor het fonds German Equities”.
Het is opnieuw een schoolvoorbeeld van een voorstelling van een belegging waarin
de realiteit ver te zoeken is en van een boodschap waarvan wij vinden dat hij de
beleggers om de tuin kan leiden.
Waarover gaat
het ? ERGO 30 | 40 | 60 is een
levensverzekeringsformule die eigenlijk twee beleggingen combineert : –
de spaarverzekering ERGO Growth Open End die een kapitaalbescherming biedt en
een minimumrendement garandeert (momenteel 3 %). Eventueel zal dat worden
vermeerderd met een winstdeelneming die afhangt van de financiële resultaten van
Hamburg Mannheimer. In 2007 kwam het totale rendement zo uit op 4 % voor inlagen
tot 75 000 euro, 4,5 % voor bedragen tot 125 000 euro
en 5 % voor nog hogere bedragen. – de beleggingsverzekering HM Helix
Fund die geen enkele kapitaalbescherming biedt en waarvan het rendement
gekoppeld is aan de evolutie van één of een combinatie van verschillende fondsen
uit een mandje van zes beleggingsfondsen, waarvan er vier belegd zijn in
aandelen (één in Duitse aandelen en drie in Europese aandelen) en twee in
internationale obligaties. De cijfers 30, 40 en 60 verwijzen naar het percentage
van deze risicovolle beleggingen in het totaal. Zo is bij ERGO 60, 60 % belegd
in HM Helix Fund en 40 % in ERGO Growth.
Flatterend
beeld… Door prominent het cijfer van 10,83 % naar voor
te schuiven, legt Hamburg Mannheimer doelbewust de nadruk op de combinatie die
in 2007 met de ERGO formule het best heeft gewerkt. Van de beschikbare fondsen
bracht het fonds dat in Duitse aandelen belegt immers het meest op. Door te
spreken over de versie ERGO 60, die het meeste gewicht toekent aan
aandelen, is het ook mogelijk om het hoogste totale cijfer te benadrukken. Als
Hamburg Mannheimer de nadruk had gelegd op de formule waarop ze een jaar geleden
de focus legde in haar reclame, dan had ze een globaal rendement van zo’n 3 %
bekend moeten maken. En de minst gunstige combinatie in de formule ERGO 60
bracht zelfs bijna helemaal niets op, ondanks het feit dat 40 % van de formule
goed was voor een rendement van 4 %.
… verdraait de
waarheid en is misleidend Volgens ons is de reclame van
Hamburg Mannheimer op verschillende vlakken misleidend : – ze haalt een
rendement aan dat in één bepaald jaar werd behaald, terwijl de voorgestelde
belegging niet aangewezen is voor zo’n korte periode. Dat is onaanvaardbaar.
Niet alleen omdat de risico’s die gepaard gaan met de component “fondsen” (in
dit geval aandelenfondsen) niet verzoenbaar zijn met de voorgestelde looptijd –
de verzekeraar raadt trouwens zelf een looptijd van minstens 8 jaar aan – maar
ook omdat de taksen en kosten veel te hoog liggen voor een belegging die u maar
één jaar zou aanhouden. De instapkosten bedragen immers 4 %, de taks op de
levensverzekeringen 1,1 %, u bent 1 % uitstapkosten verschuldigd
indien u in de loop van de eerste drie jaar uit de formule stap en u moet ook
nog rekening houden met de 15 % roerende voorheffing die u moet betalen op de
meerwaarde indien u tijdens de eerste acht jaar uw geld weer opvraagt. Frappant
is trouwens dat in de reclame over al die kosten en taksen met geen woord wordt
gerept. – ze haalt a posteriori de meest voordelige formule aan, terwijl er
soms aanzienlijke rendementsverschillen zijn tussen de verschillende formules.
Ook dat kan de spaarder misleiden. Het rendement dat voor één jaar wordt
benadrukt maakt het immers niet mogelijk om u een correct beeld te vormen van
wat de formule voor de aanbevolen looptijd zou kunnen opbrengen. In een formule
die ook in aandelen belegt, is het de evidentie zelf om resultaten te tonen die
van jaar tot jaar verschillen. Maar de verzekeraar verdoezelt dat systematisch
door handig te spelen met de component van de formule die bedoeld is om het
rendement een boost te geven. – tot slot wordt de wettelijke verplichting van de vermelding dat
rendementen uit het verleden geen garantie inhouden voor de toekomst met voeten
getreden want de verzekeraar zegt : “rendementen uit het verleden zijn een
bewijs van het goede beheer van het fonds maar vormen geen garantie voor de
toekomst”. De
verplichting om te waarschuwen voor de risico’s wordt dus omgedraaid tot een
misleidend argument, want op basis van één prestatie van een fonds is het
onmogelijk om zich uit te spreken over de kwaliteit ervan zonder het te
vergelijken met een neutrale referentiefactor zoals bijvoorbeeld de
marktontwikkeling op zich en zonder te verwijzen naar de risico’s die de
beheerder heeft genomen om de genoemde prestatie te realiseren.
Dit moet stoppen !
We betreuren dat financiële instellingen nog altijd te vaak
uit de bocht gaan in hun pogingen om hun beleggingsproducten zo aantrekkelijk
mogelijk voor te stellen. We zetten onze kruistocht tegen die praktijken voort
en hebben dan ook klacht ingediend tegen deze misleidende reclame bij de
bevoegde instanties, met name de Algemene Directie Controle en Bemiddeling van
de FOD Economie. We zullen uiteraard niet nalaten om u te informeren over de
resultaten van dit initiatief.

|
|