|

Kiezen voor bedrijven met horizontale of verticale integratie ? (28 apr 2008 )
Verticale en horizontale integratie zijn twee modellen die bedrijven mogelijk
nastreven om hun groei te bestendigen. Uw beleggingskeuze mag u er echter niet
op baseren.
Steeds minder
verticale integratie Ondernemingen die streven naar verticale
integratie, willen niet alleen alle etappes van het productieproces onder
controle houden, maar ook de distributie. Zo willen ze erover waken dat ze
toegang hebben tot alle middelen om hun producten of diensten te creëren. De
bekendste voorbeelden zijn die van de autoconstructeurs, die heel wat materiaal
nodig hebben, zoals staal, glas, banden en kabels. Vandaar dat groepen als Ford
en GM een heel imperium van bedrijven hebben uitgebouwd om altijd over de nodige
productiemiddelen te beschikken. Er was in die tijd trouwens veel minder
concurrentie dan nu en het wegvallen van een leverancier kon toen zware gevolgen
hebben voor de productie. Verticale integratie biedt dus een mogelijkheid om de
hele productieketen te controleren. De jongste jaren zijn ondernemingen echter
steeds meer gaan beseffen dat het model van de verticale integratie ook veel
nadelen inhoudt. Door niet alles zelf te doen kunnen ze bijvoorbeeld de
concurrentie laten spelen tussen hun verschillende leveranciers en zijn ze ook
veel flexibeler als de vraag naar hun producten of diensten daalt. Kortom, door
de productie uit te besteden, kunnen ze veel rendabeler werken, onder meer door
zich te bevoorraden bij toeleveranciers die de laagste prijs aanrekenen. Vandaar
dat het model van de verticale integratie in veel sectoren ondertussen is
opgegeven. Toch zijn er nog bedrijven die het toepassen. Zo investeert
Arcelor-Mittal sinds drie jaar in ijzererts, een grondstof waarvan de prijs, die
wordt vastgelegd door de producenten, de jongste tijd snel stijgt. Dat heeft bij
dat bedrijf geen slechte resultaten opgeleverd, al is het ook zo dat niet valt
uit te sluiten dat in sommige bedrijven nog naar het model van de verticale
integratie wordt gegrepen om op die manier een imperium te bouwen dat vooral het
ego van de topmanagers moet strelen.
Horizontale
integratie Het is in ieder geval zo dat bedrijven
tegenwoordig meer zweren bij het model van de horizontale integratie. Dat is
bijvoorbeeld het geval in de financiële sector waar banken actief zijn in alle
domeinen die met geld te maken hebben : hypotheekleningen aan
particulieren, online banking en vermogensbeheer, maar ook de financiering van
bedrijven, het begeleiden van beursintroducties, enzovoort. De belangrijkste
doelstelling van de horizontale integratie bestaat erin zoveel mogelijk
synergieën te realiseren en zo voldoende kritische massa te bereiken om een
marktpositie te veroveren waar niemand nog naast kan kijken. Het is ook in die
optiek dat heel wat overnames gebeuren, bijvoorbeeld in de toeristische sector,
waar touroperators concurrenten overnemen om hun portefeuille met
reisbestemmingen uit te breiden. Dat is mooi in theorie, maar in de praktijk
niet altijd even gemakkelijk, omdat het moeilijk is om overgenomen bedrijven te
integreren, zoals we onder meer al hebben kunnen vaststellen in de telecomsector
en in de distributiesector. Toch blijven veel ondernemingen dit model volgen,
zoals ook nu weer blijkt met de ambitie van France Télécom om het Zweedse
Teliasonera over te nemen.
Niet
doorslaggevend Al bij al kunnen we dus zeggen dat zowel
horizontale als verticale integratie modellen zijn die voor-en nadelen inhouden.
Daarop alleen uw keuze voor bepaalde aandelen baseren, lijkt ons dan ook niet
aangewezen.

|
|